Ballonnen en confetti: tien jaar Voorlinden

Giuseppe Penone Identity Wild Grass, 2023 Collection Voorlinden

Door Gerda J. van Ham

Toen verzamelaar Joop van Caldenborgh (Chemieconcern Caldic) zijn particuliere kunstcollectie onderbracht in een daglichtmuseum van internationale allure, ging een droom in vervulling. Museum Voorlinden in Wassenaar heeft zich in tien jaar tijd met spraakmakende exposities gepositioneerd als een geliefde locatie waar architectuur, kunst en natuur hand in hand gaan. Het museale landgoed wordt omzoomd door een tuin van Piet Oudolf. Speciaal in de nazomer en herfst is de tuin op zijn mooist. Geïnspireerd door de omringende natuur van bomen en duinen heeft de bevriende Italiaanse kunstenaar Giuseppe Penone onlangs een buitensculptuur aangelegd; Identity – Wild Grass. Wie door de tuin loopt, ziet een heuveltje met meanderende paden. Bij het uitzichtpunt ontvouwt zich een panorama van eiken- en kastanjebomen. Tegen dit decor van Hollandse luchten ligt de uitvergrote groene vingerafdruk van Penone uitgewerkt in gras en marmer.

‘Celebrating The Icons of Art’ gaat volgens directeur Suzanne Swarts: “Over de blijvende kracht van kunst, over kunstwerken die zich in je geheugen nestelen, die je niet kunt loslaten en die samen kunstgeschiedenis schrijven.” Een ambitieuze stellingname waarbij de bezoeker geconfronteerd wordt met veel kunstenaars die in de twintigste eeuw al hun sporen verdienden, zoals: Anish Kapoor, Mark Rothko, Jean Tinguely, Anselm Kiefer, Louise Bourgeois, Alexander Calder, Daniel Buren, Francis Bacon, David Hockney, Andy Warhol, Joan Miro en Roy Lichtenstein. Er hangt zelfs een Claude Monet aan de muur met ‘Blauwe regen’, een bruikleen van het Kunstmuseum uit Den Haag. Ook de serie ‘Jazz’, úit 1947, van Henri Matisse is te zien met kleurige voorstellingen die de kunstenaar, aan bed gekluisterd, ‘tekende met een schaar’.

Direct springen de uitgebalanceerde ruimtes in het oog, de kunstwerken en installaties (deels eigen bezit, deels bijzondere bruiklenen) zijn met een geraffineerd gevoel voor esthetiek gerangschikt op psychologische intensiteit, materiaal, kleur en schaal. Het binnenvallende licht door de hoge ramen verhoogt het effect van kleurharmonieën of dissonanten. Soms is de ruimte afgeschermd van daglicht zoals bij Anselm Kiefer, Francis Bacon en Berlinde de Bruyckere en onderstreept de duistere thematiek in hun werk.

'Boy' (1999) Ron Mueck Voorlinden Gallery Celebrating Icons of Art collectie Museum Aros

Niet te missen is ‘Boy’ (1999), een beangstigend grote uitbeelding van de Australische kunstenaar Ron Mueck als adolescent, worstelend met lijf en ledematen. Als verlegen jongen verstopte hij zich vaak achter de heg, zowel bang als nieuwsgierig, om stiekem naar mensen te kijken. Het is een bijkans militaristische operatie geweest om dit hyperrealistische beeld, voor het eerst uitgeleend door het Deense museum Aros, in gehurkte houding op zijn grote voeten te plaatsen. Met behulp van een hovercraft werd het beeld, dat uit twee delen bestaat, de ruimte in geschoven, naast ‘The Swimming Pool’ (Leandro Erlich) met als decor een ‘Camouflage’ schilderij van Andy Warhol. De speurende blik van de jongen is razend goed getroffen, evenals zijn ongemak met de groeispurt die hij doormaakte, te zien aan de knellende broek. Met duizelingwekkend vakmanschap en minutieuze aandacht voor detail van teennagel tot ooglid, wist Mueck een afspiegeling van zichzelf te maken in glasvezel, polyesterhars en silicone. Elk haartje, huidplooi en porie gaf hij zorgvuldig weer. Vlak voor de opening, liep hij onopvallend rond met een klein palet met diverse kleuren rood erop en een penseeltje. Handig werkte hij enkele details bij, vooral op de knieën en ellenbogen waar de huid geaderd is. Het kostte hem acht maanden om van een 40 cm kleimodel te komen tot een 4.5 meter hoge en 500 kilo zwaarwegende sculptuur met een toupet als een vloerkleed. ‘Boy’ maakt ‘Celebrating the Icons of Art’ al een reis naar Voorlinden waard. Maar er is nog zoveel meer.

Ryan Gander 2000 Years Collaboration 2018 (The Prophet)

Ook het kleinste kunstwerk van een knagend muisje van Ryan Gander, getiteld 2000 years Collaboration (The Prophet) is een eye catcher van formaat en een lieveling van het publiek. Na enkele jaren van afwezigheid is het knaagdiertje gelukkig weer terug in de plint, met de oratorische gave van een volleerd acteur. Je moet er voor door de knieën en je oor te luister leggen om het lieftallige muisje met hoge kinderstem woord voor woord te verstaan. Het is de 9-jarige dochter van de kunstenaar Ryan Gander die een bewerking voordraagt van de beroemde speech van Charlie Chaplin uit ‘the Great Dictator’. De satirische aanklacht tegen Hitler en het nazisme is herschreven tot een pleidooi over onze obsessieve behoefte aan technologische vooruitgang. Met als antipode het belang van verhalen. Het muisje was de lieveling van mijn moeder, ze heeft er zelfs een Sinterklaasgedicht over geschreven.

Nieuw in Voorlinden is ‘Selbstlos im Lavabad’ van mijn geliefde kunstenares Pipilotti Rist. Vanuit een onooglijk klein gat in de parketvloer, direct bij binnenkomst, roept Pipilotti je toe in verschillende talen. “Hilf mir, I am a worm and you are a flower.” Wormen zijn behulpzame diertjes uit het schimmenrijk, buitengewoon nuttig als het om de vruchtbaarheid van de aarde gaat. Het is de naakte kunstenaar zelf, kwetsbaar schreeuwend vanuit een landschap van lava en vuur, overgeleverd aan de elementen. Dat vagevuur verbeeldt de hardheid waarmee we soms, onbedoeld, anderen en onszelf beoordelen. “De luisteraar is de almachtige die op haar smeekbede neerkijkt”, aldus de begeleidende tekst. Met deze minuscule installatie die je zo voorbij loopt richting de ballonnen, hoopt Rist een verlangen op te roepen om begrip te tonen voor een ander.

De jubileum expositie begint met een intieme liefdesverklaring van Tracey Emin. In een brandend neonhart doet ze een belofte: ‘I Promise to Love You’. De hartstochtelijke woorden verpakt ze als een commerciële boodschap in felrode oplichtende kleuren. Damien Hirst (ooit enfant terrible) is vertegenwoordigd met zijn ‘Hidden secret Blossom’ uit 2019, een drieluik met een gestippeld en gestreept klassiek bloemmotief verwijzend naar zijn moeder die ook kersenbloesemtakken schilderde in olieverf. Louise Bourgeois vergezelt hem in dezelfde ruimte met haar ‘Spider Couple’, de grote spin en de kleine spin in de cocon, symbiotisch verwijzend naar de beschermende rol van de moeder voor haar kind, een autobiografische verwijzing naar het leven van Louise Bourgeois zelf die een tirannieke vader had.

Als aan de grond genageld sta ik voor ‘In Memory of George Dyer’ van Francis Bacon, een verpletterend drieluik uit 1971 dat hij schilderde toen zijn partner Dyer overleed aan een overdosis, na een lange strijd tegen alcoholisme en depressie. De kenmerkende schrale en eruptieve verf opbreng van Bacon is iconisch, zoals blijkt uit dit meesterwerk met beangstigende hallucinaties. De gebroken klokken van de Marokkaanse Latifa Echakhch complementeren het sinistere beeld in deze ruimte. Het schilderij van Mark Rothko, uit eigen collectie, is een goed voorbeeld van de na-ijlende kleuren waar hij patent op had. Een meesterwerk om lang bij stil te staan, alleen al om het biografische feit dat Rothko vastliep in zijn obsessie om die verklanking van kleur te laten natrillen en hijzelf weggleed in een diepe depressie en koos voor de dood.

Mark Rothko Untitled 9 1956

Intrigerend en ontregelend is de jonge, verzorgde vrouw die met haar hoofd op haar bureau lijkt te slapen (of zelfs overleden is), van het duo Elmgreen & Dragset uit 2025. Neemt ze als assistente van een galerie, met kunstboeken op haar bureau, even een pauze of is er iets ernstigs aan de hand? Ook hier, net als bij Mueck, is de uitbeelding van de huid en het gezicht een uitdaging die de toets der kritiek feilloos doorstaat. Ze lijkt net echt. Vertrouwde kunstwerken van Alexander Calder, Jean Tinguely en Ferdinand Léger flankeren haar. De tijd verglijdt, de vrouw blijft roerloos op haar smetteloze bureau liggen.

Op het moment dat ik de jubileumexpositie bezoek moeten de ballonnen nog opgeblazen worden en de confetti aangestampt. Lara Favaretto uit Italië wil met vierduizend kilo confetti, samengeperst in tien kubussen, een kleurrijk landschap vormgeven, tegenover de Grand Canyon van David Hockney. Hockney hangt glorieus op zijn plaats aan de muur, als een ode aan zijn kunstenaarschap nu hij in de zomer van 2026 overleed. De kubussen zijn nog niet af, ze worden aangestampt door studenten die de snippers dagenlang bewerken met hun laarzen. Er komt geen druppel lijm aan te pas. Uiteindelijk wint de kwetsbaarheid en valt het vederlichte strooisel uit elkaar. Martin Creed heeft al eerder blijk gegeven dat een gevulde ruimte met ballonnen niet alleen feestelijk is, maar ook een claustrofobisch gevoel oproept. Ooit trok ik mijn vader op zeer hoge leeftijd aan zijn arm door deze ballonnen. Hij hapte naar adem en verloor elk gevoel voor richting.

Martin Creed Work No 1562

Ballonnen en confetti, Museum Voorlinden weet mij in alle toonaarden te bekoren en te ontregelen. Opeens sta ik naast Suzanne Swarts in ‘The Curator’s Bookshop’; een specialiteit voor kunstliefhebbers en connaisseurs, van gelimiteerde kunstenaarsboeken, tentoonstellingscatalogi en kunst op papier. Haar laatste wapenfeit, een parel van Italiaanse vormgeving ontworpen door Studio Milani. Haar favoriete ‘playlist’ met muziek wordt afgespeeld, terwijl je de kleurrijke covers in ogenschouw neemt, oppakt en doorbladert. Swarts oogt trots en tevreden na al die inspanningen voor de jubileum expositie. De lat lag hoog, maar Voorlinden weet er magnifiek overheen te springen.

Celebrating The Icons of Art, Museum Voorlinden, www.voorlinden.nl,

12 september t/m 7 maart 2027.