Amrita Sher-Gil in Drents Museum: Nederlandse primeur India in Assen

Geplaatst in Exposities en getagged met , , op door .

Amrita Sher-Gil: Zelfportret1930

Het Drents Museum in Assen heeft de primeur met een tentoonstelling van de grondlegger van de moderne Indiase schilderkunst: Amrita Sher-Gil. Sher-Gil  werd slechts 28 jaar, maar liet een indrukwekkend oeuvre na, waarin moderne Europese schilderkunst samensmelt met Indiase kleuren, thema’s en verhalen. In India zijn haar schilderijen nationaal erfgoed. In Nederland is dit de eerste tentoonstelling van haar werk.

Door: Lucie Th. Vermij

Amrita Sher-Gil had uitgesproken en vooruitstrevende ideeën over kunst, geloof, politiek en gelijkwaardigheid en maakte daar in haar dagen grote indruk mee. De talloze zelfportretten en naaktstudies uit haar vroege jaren laten een nieuw, zelfbewust vrouwbeeld zien. In haar latere werk geeft zij gezicht aan de gewone Indiase bevolking. In haar kunst versmelten westerse moderne kunst en traditionele Indiase kunst tot een geheel nieuwe stijl. In haar korte leven en in haar werk combineerde ze rebelsheid met tomeloze creativiteit.

Amrita Sher-Gil (Boedapest 1913 – Lahore 1941) was de dochter van de extraverte Hongaars joodse operazangeres en socialite Marie Antoinette en de introverte Sardar Umrao Singh Shergil, Sikh, aristocraat, geleerde en amateur-fotograaf. Toen Amrita zes jaar was, verhuisde het gezin terug naar India. Haar talent voor tekenen en muziek werd al vroeg herkend en gestimuleerd. Al op jonge leeftijd was ze zeer creatief, vrijgevochten en onafhankelijk. In 1924 reisde moeder Marie Antoinette met haar twee dochters een Italiaanse beeldhouwer achterna met wie ze een affaire had. In Florence maakte de elfjarige Amrita kennis met de Italiaanse meesters. Ze werd ook van school gestuurd omdat ze naaktportretten tekende.

Op haar zestiende, het was 1929, vertrokken ze met het gezin naar Parijs  In eerste instantie studeerde ze aan de Académie de la Grande Chaumière en vervolgens aan de prestigieuze École des Beaux-Arts. Daar verdiepte zij zich in het werk van moderne kunstenaars, zoals Suzanne Valadon, Paul Cézanne en Paul Gauguin. Ze schilderde veel zelfportretten, maar ook vrienden, het Parijse leven en stillevens. Haar talent viel op: in 1933 won ze met het werk ‘Jonge vrouwen’ de gouden medaille op de Salon de Paris. Ze werd bovendien benoemd tot lid van dit prestigieuze gezelschap. In Parijs ontwikkelde zij zich tot een kosmopolitische kunstenaar die moeiteloos verschillende werelden met elkaar verbond.

Amrita Sher-Gil: Drie meisjes 1935

In de tentoonstelling in het Drents Museum hangen bijna vijftig schilderijen en tekeningen, evenals veel foto’s uit het familie-archief, uitgeleend door de National Gallery of Modern Art in New Delhi, die meer dan honderd schilderijen en tekeningen van Sher-Gil bezit. Deze schilderijen vormden in de jaren vijftig de basis voor dit museum. De roof van de beroemde Roemeense gouden helm vorig jaar uit het museum (die uiteindelijk gelukkig weer teruggevonden is) lijkt de relatie met buitenlandse musea niet blijvend te hebben geschaad.

De vroege werken van Amrita Sher-Gil zijn vooral zelfportretten en portretten van familieleden en vriendinnen.  Vanaf het begin al prachtig werk. We zien zelfbewuste vrijmoedige jonge vrouwen. Ze schilderde zichzelf, familieleden en vrienden, zoals de brutale jongensachtige medestudente Marie-Louise Chassany. Er hangt een prachtig naaktportret van Amrita’s zus Indira, die met haar ogen dicht op bed ligt, op een roze sjaal met daarop een oosterse draak. Ook portretteerde ze haar verlegen ogende studiegenoot Boris Taslitzky, die verliefd op haar was, en zijn droevig kijkende moeder, Madam Taslitzky.

Amrita Sher-Gil: Muzikanten 1940)

In 1934 ging Amrita terug naar India, overtuigd als ze was dat daar haar bestemming lag. Dit is terug te zien in het tweede deel van de tentoonstelling. Ze kwam niet als een buitenlandse die zich aangetrokken voelde tot het 'schilderachtige' India en de exotische beelden en geuren; ze kwam hier met het gevoel dat ze een Indiase in hart en ziel was en dat ze hier thuishoorde. Ze was opgeleid in de westerse kunsttraditie, maar via haar Indiase kant kende zij ook de artistieke tradities van India. Terug in India, maakten de gezichten van de ongelukkige, neerslachtige, arme en hongerlijdende Indiërs grote indruk op haar. Ze besloot ze om het leven van de Indiërs, en dan vooral dat van de armen, in beeld te brengen. Dat deed ze met haar techniek, die ze zich in het Westen eigen had gemaakt, maar waarbij de geest van het werk fundamenteel Indiaas was.

Ze vestigde zich in Amritsar, ging traditionele Indiase sari’s dragen en schilderde vooral ‘gewone’ mensen. Aanvankelijk kreeg ze kritiek dat ze zich als een toerist zou gedragen. Maar in een schilderij als ‘Moeder India’, waarop een vrouw en twee kleine kinderen gelaten voor zich uitstaren, is haar betrokkenheid te zien. Inspiratie vond ze onder meer in de grotschilderingen van Ajanta, in Mogol-miniaturen en in het dagelijkse leven op markten en in dorpen. Haar kleurenpalet veranderde ingrijpend: felle roden, aardse bruinen en warme okers weerspiegelen het Indiase licht en landschap. In haar werk introduceerde zij een nieuw, krachtig vrouwbeeld en gaf zij een stem aan de arme en gemarginaliseerde bewoners van India. Heel mooi is een portret van drie meisjes, zittend voor een bruine muur, alle drie eenvoudig gekleed: een rode, een roze en een groene sluier. De meisjes staren van de kijker af, het heeft iets eenzaams, maar misschien is het ook verzet. Ze hebben geen behoefte aan onze blik.

Amrita Sher-Gil Kamelen 1941

In 1938 keerde ze kort terug naar Boedapest waar ze trouwde met haar Hongaarse neef Victor Egan. Maar omdat het fascisme in Hongarije steeds steviger voet aan de grond kreeg en oorlog dreigde, vertrokken ze naar India. In India rees haar ster, haar werk werd veel tentoongesteld en ze won prijzen. Vrijgevochten bleef ze, ze geloofde niet in een monogame relatie en kinderen wilde ze niet. Nog voor een grote expositie van haar werk opende in Lahore (nu Pakistan), overleed Amrita Sher-Gil op 5 december 1941, 28 jaar oud. Over haar doodsoorzaak wordt in de diverse publicaties wat mistig gedaan, maar Esther Voet meldde in een groot artikel in het Nieuw Israëlitisch Weekblad in 2019: ‘Hoewel de ware reden van haar dood nooit is komen vast te staan, wordt algemeen aangenomen dat ze stierf door complicaties na – opnieuw – een abortus. Haar moeder wees de beschuldigende vinger naar haar man Victor: hij was volgens haar verantwoordelijk voor Amrita’s dood.  Bewijs is daar nooit voor geleverd.

Amrita Sher-Gil-met drie schilderijen, Parijs 1930 foto Gil Singh Sher-Gil

Amrita Sher-Gil maakte sterk, kleurrijk en iconisch werk. In India zijn haar werken nationaal kunstbezit en ze behoort nu tot de duurste Indiase kunstenaars. In 1978 kwam ze op een Indiase postzegel, in diverse steden zijn straten naar haar vernoemd en het Londense Tate Modern wijdde in 2007 een overzichtstentoonstelling aan haar. Ze wordt wel vergeleken met Frieda Kahlo, met wie ze veel gemeen had. Beide vrouwen mengden Europese schildertradities met de artistieke ziel van het land waarin ze woonden. ‘Europa is van Picasso, Matisse en Braque. India is van mij’, is een zelfbewuste uitspraak van haar. De tentoonstelling in het Drents Museum is een uitgelezen kans om in het echt kennis te maken met het bijzonder werk van een bijzondere vrouw.  En anders is daar altijd nog de prachtige catalogus van Waanders en het Drents Museum