Bewogen Beeld, op zoek naar Johan Maurits: gouverneur Nederlands-Brazilië in Gouden Eeuw, geen heilig boontje

Geplaatst in Exposities en getagged met , op door .

Kopie naar Bartholomeus Eggers, buste van Johan Maurits, graaf van Nassau-Siegen, 1986, zaal fotografie copyright Mauritshuis, fotograaf Ivo Hoekstra

*Op de expositie ‘Bewogen Beeld – Op zoek naar Johan Maurits’ in het Mauritshuis heet Johan Maurits, graaf van Nassau-Siegen (1604-1679), bezoekers welkom als kopie van de buste die Bartholomeus Eggers van hem maakte. Het imponerende beeld – een imitatie van wit marmer uit 1986 - verdween begin 2018 uit de foyer. Die ruimte werd niet geschikt geacht om het verhaal van de naamgever van het museum te vertellen. Voor Johan Maurits, van 1636 tot 1644 gouverneur van ‘onze’ plantagekolonie in Nederlands-Brazilië, werd een deel van een kabinet vrijgemaakt. De hevige publieke discussie die volgde over de omgang van musea met onze koloniale geschiedenis (had het Mauritshuis zich niet schuldig gemaakt aan een beeldenstorm?) gaf een flinke zet aan het project waar het museum al langer over dacht: een expositie over het leven van Johan Maurits en zijn rol in Nederlands-Brazilië. Met als zwarte bladzijde in elk geval de handel in slaafgemaakte Afrikanen.

Conservator Lea van der Vinde benadrukt dat ‘Bewogen Beeld’ geen historische overzichtstentoonstelling is. Er resteren nog veel open vragen die – na een eerste inventarisatie die in 2018 begon - vanaf 2020 beantwoord moeten worden in een meerjarig wetenschappelijk onderzoek. Hoe zwart zal bijvoorbeeld de bladzijde van de handel in slaafgemaakte Afrikanen voor Johan Maurits zelf zijn? De graaf reisde naar de noordoost kust van Brazilië in het gezelschap van kunstenaars, architecten en wetenschappers. Hij wordt daar tot op de dag van vandaag in ere gehouden als ‘verlicht’ bestuurder die geloofsvrijheid aan katholieken en joden bood en als eerste een deel van het land letterlijk en figuurlijk in kaart bracht. Een van die kunstenaars was Frans Post, van wie op de expositie onder meer ‘Gezicht op het eiland Itamaracá in Brazilië’ uit 1637 aanwezig is. Het schilderij is de oudste bekende weergave van dat deel van Brazilië en toont ook de vroegste afbeelding van slaafgemaakte Afrikanen daar.

Zaalfotografie, c Mauritshuis, fotograaf Ivo Hoekstra. Met 'Portret van Maria van Oranje met Hendrik van Nassau-Zuylestein en een bediende, Jan Mijtens, ca. 1665

Voor ‘Bewogen Beeld’ heeft het Mauritshuis zesenveertig heel verschillende experts en betrokkenen van buiten de museale en wetenschappelijke wereld gevraagd commentaar op de tentoonstelling te geven. Van Junadry Leocaria (professioneel danseres, choreograaf, coach en docent) en Ashaki Leito (freelance spreker, oprichter Miss Black Hair Nederland) tot restaurator Abbie Vandivere en historicus Zihni Özdil (Groen Links-Tweede Kamerlid) leverde dat een prikkelende mix relevante observaties op bij onder meer Rembrandts meesterwerk ‘Twee Afrikaanse mannen’ en het kleurrijke 'Postuum portret van Maria I Stuart met een dienstbode' van Adriaen Hanneman.

Bij het terracotta-beeldje dat Jan van Logteren in 1727 van Johan Maurits maakte – een schenking van Robert Noorman aan het museum in 2000 – wijst oud-directeur Frits Duparc op zijn verdiensten als actief begunstiger van de kunsten en wetenschappen. Hij geeft de onderzoekers een waarschuwing mee: ‘Historische figuren zouden aan de hand van de wetten, normen en waarden van hun eigen tijd beoordeeld moeten worden.’

Adriaen Hanneman, Postuum portret van Maria I Stuart (1631-1660) met een dienstbode, ca. 1664

Johan Maurits correspondeerde met Constantijn Huygens, secretaris van stadhouder Frederik Hendrik, de expositie toont een brief van de graaf uit 1641. Historicus Mark Ponte – verbonden aan het Stadsarchief Amsterdam, hij verricht onderzoek naar de Afrikaanse gemeenschap in het Amsterdam van de Gouden Eeuw – herinnert er bij deze brief aan dat Johan Maurits in 1641 een vloot naar het Angolese Luanda en eiland Sao Tomé stuurde om de slavenhandel op Brazilië te vergroten. Tijdens zijn bewind vervoerde de West Indische Compagnie (WIC) minstens 24.000 slaafgemaakte Afrikanen naar Nederlands-Brazilië, zeker 4000 mensen overleefden de reis niet. Bekend is dat Johan Maurits de WIC in 1642 verzocht voor eigen rekening aan de slavenhandel deel te mogen nemen. Schipper Reinier Adriaensz Schagen liet in 1643 noteren dat hij een jaar eerder voor rekening van de graaf ‘een merckelijcke partije swarten’ had gekocht in Angola.

Hoe bekostigde Johan Maurits zijn Mauritshuis, door de WIC-bewindhebbers spottend het ‘Suikerpaleis’ genoemd? Volgens historicus Erik Odegard (onderzoeker Mauritshuis/docent Erasmus Universiteit) verdiende Johan Maurits als gouverneur-generaal ruim 120.000 gulden. Daarnaast ontving hij een percentage van gemaakte buit en allerlei giften van handelaren en plantage-eigenaren. Verder onderzoek is volgens Odegard noodzakelijk, ‘zeker ook waar het Johan Maurits’ inkomsten uit buitgelden en de handel in slaafgemaakten betreft’. De kopie naar het beeld dat Bartholomeus Eggers van Johan Maurits maakte, verdwijnt na afloop weer in het depot. Ook zonde: zwarte bladzijde of niet, het is práchtig. Zijn beeld beweegt, wordt vervolgd.

De expositie 'Bewogen Beeld - Op zoek naar Johan Maurits' in het Mauritshuis duurt tot en met 7 juli.

Voor meer informatie: http://www.mauritshuis.nl

Frans Post, Gezicht op het eiland Itamaracá in Brazilië, 1637

 

 

 

 

Reageren