Alles gegeven, Jacoba van Heemskerck en Marie Tak van Poortvliet in Kunstmuseum Den Haag: een voorbeeldige expositie

Jacoba van Heemskerck, Twee bomen, 1910, KM Den Haag

De publicatie Alles gegeven - Marie Tak van Poortvliet van Jacqueline van Paaschen is de aanleiding voor de gelijknamige tentoonstelling in het Kunstmuseum Den Haag. De tentoonstelling sluit aan bij de grensverleggende reeks nationale en internationale exposities die de afgelopen tien jaar zijn gewijd aan vrouwelijke kunstenaars.

Door Paula Koelemij

De bezoeker krijgt een beeld van werk en levens van Van Heemskerck en Tak van Poortvliet, die met hart en ziel waren gewijd aan kunst en natuur.

Alles gegeven toont het veelzijdige talent van Jacoba van Heemskerck (1876 – 1923) en het verzamelaarstalent van haar levenslange geliefde Marie Tak van Poortvliet (1871 – 1936). Tak van Poortvliet had een neus voor avant-garde kunst, zij financierde tal van projecten in de kunstwereld en ondersteunde kunstenaars door hun werk aan te kopen. Veel aandacht wordt besteed aan de sociale achtergrond van beide dames in de context van hun tijd en onze tijd. Daarmee neemt Kunstmuseum Den Haag de rol op zich van museum als ideologisch klankbord en als medium van maatschappelijke ontwikkeling.

De tentoonstelling is opgebouwd uit dertien thema’s, iedere zaal behandelt een episode uit hun loopbaan en levenspad. Zo krijgen we een goed beeld van de kunstzinnige ontwikkeling van Van Heemskerck en komt haar veelzijdige talent in uiteenlopend materiaal gebruik, in technieken en schilderstijlen tot uitdrukking. Zij maakte werk in olie en tempera op doek, in Oost-Indische inkt, houtskool en aquarel op papier en vanaf 1918 houtsneden, mozaïeken en glas in lood ramen.

In de kunstenaarskolonie van Domburg, waar de dames sinds 1908 in hun Villa Loverendale de zomers doorbrachten, zien we werk Van Heemskerck in de luministische stijl. Twee bomen uit 1910 is een schitterend voorbeeld uit deze periode. Met heldere kleuren zet zij met korte penseelstreken lichteffecten op het doek.

Jacoba van Heemskerck, Compositie nr 2, 1912/13. KM Den Haag

KM Den Haag toont ook werk van andere avant-garde kunstenaars, zoals Jan Toorop, Piet Mondriaan, Mies Elout-Drabbe en Jan Sluijters uit de Domburgse kunstwereld. In de ontwikkeling van avant-gardistische kunststijlen nam Van Heemskerck een vooraanstaande plaats in. Tak van Poortvliet ondersteunde deze ontwikkelingen door te investeren in een tentoonstellingslokaal waar deze kunstenaars hun werk konden exposeren.

Na de kennismaking met de Franse kubisten in 1911 in het Stedelijk Museum in Amsterdam begon Van Heemskerck te experimenteren met het kubisme. De stijl paste in haar spirituele invalshoek, die erop was gericht het immateriële te visualiseren. Met vroeg kubistisch werk exposeerde Jacoba in 1912 op de Salon des Indépendants, waar ook Mondriaan en Schelfhout met werk vertegenwoordigd waren. Haar werk uit deze periode kenmerkt zich door een terughoudend kleurenpalet van rustige tonale grijze en bruine kleuren De afwisseling van donkere en lichte tonen creëert een geheimzinnige sfeer.

Jacoba van Heemskerck, Bos, 1913, KM Den Haag

De natuur en in het bijzonder bomen zien we als belangrijk spiritueel thema verbeeld in het hele oeuvre van Van Heemskerck. De boom des levens staat voor haar religieuze beleving, in bomen zag zij oer- en levenskrachten gesymboliseerd. Jacoba en Marie deelden de belangstelling voor spiritualiteit met andere avant-garde kunstenaars in het begin van de twintigste eeuw, onder meer Kandinsky en Mondriaan. De laatste was een veel geziene gast bij de dames in hun Domburgse villa Loverendale.

In het najaar van 1913 komt een keerpunt in de artistieke carrière van Jacoba. Geïnspireerd door Henri Le Fauconnier nam zij afstand van het kubisme. In deze fase maakte zij volledig abstract werk met heldere kleuren en kleurcontrasten. Geïnspireerd door de kleurentheorie van de Oostenrijkse antroposoof Rudolf Steiner komt in het werk de spirituele kleuropvatting van Jacoba tot uitdrukking. De kleuren blauw, groen, rood, paars en geel zijn licht aangebracht op een witte ondergrond, zo ontstaat een transparant effect.

Jacoba van Heemskerck, Compositie, 1914, KM Den Haag

Jacoba van Heemskerck, Compositie, 1914, KM Den Haag

 

In datzelfde jaar, 1913, exposeerde zij op de eerste grote expressionistische tentoonstelling in Berlijn van Herwarth Walden, uitgever van het kunsttijdschrift Der Sturm. Op dat moment verlegden Jacoba en Marie hun belangstelling voor het Parijse kubisme naar het Duitse expressionisme. Franz Marc en Kandinsky waren voor hen een bron van inspiratie. Zij richtten hun sympathie volledig op de Duitse kunst en cultuur. Terzelfder tijd verbonden de dames zich aan de leer van Rudolf Steiner met bezoeken aan het antroposofische centrum in Dornach en traden zij toe tot het Antroposofische Gesellschaft. Hun vriendschap en zakenrelatie met het echtpaar Walden en exposities in galerie Der Sturm bracht hen in de kring van Duitse kunstenaars als Marianne von Werefkin, Kandinsky, Gabrielle Münter, Franz Marc en Emile Nolde. Marie Tak van Poortvliet legde zich toe op het verzamelen van werk van deze kunstenaars. Hun Duits gezindheid betekende een breuk met hun Nederlandse kunstvrienden, wier sympathie uitging naar de geallieerden.

Jacoba had een zwakke gezondheid. Vanaf 1917 werd zij getroffen door angina en andere fysieke ongemakken die haar verhinderden naar Berlijn te reizen. Zij maakte niettemin voldoende werk voor een expositie in galerie Der Sturm in 1918. Het werk Bild no.77 werd door Marie gekocht voor een in die tijd astronomisch bedrag. Het werk heeft een apocalyptisch karakter. Tegen een achtergrond van een okergele lucht, lijken zeilschepen op een woeste zee hun ondergang tegemoet te gaan. Rechts in beeld zien we een paarse poort waar de schepen op af lijken te varen. Is dit de poort van hun redding?

Jacoba vn Heemskerck, Bild no. 77. 1917, KM Den Haag

De periode na 1918 stond in het teken van nieuwe technieken en materialen. Jacoba legde zich toe op houtsneden en glas in lood. Vooral de glasschilderkunst paste in de ideeën die zij koesterde over transparante en oplichtende kleuren. Bovendien was zij gefascineerd door het idee van het expressionistisch ‘Gesamtkunstwerk’ het samengaan van architectuur en kunst. In het glas-in-loodraam Compositie naar ontwerp no.19 – Boom keert de thematiek van de boom terug in dezelfde expressieve kleuren, vormen en golvende lijnen, die wij kennen uit haar eerdere werk.

Jacoba van Heemskerck, Compositie naar ontwerp no. 19. Boom 1920 gebrandschilderd glas in lood,KM Den Haag

In andere ontwerpen voor gebrandschilderd glas-in-lood zijn geabstraheerde zeilboten weergegeven, weliswaar in een andere vorm en kleurenpalet dan op haar schilderijen. In samenwerking met de architect van villa Wulffraat maakte Jacoba glas-in-lood ontwerpen voor een deurpaneel, ramen en bovenlichten. Hier zien we strakke horizontale en verticale lijnen in een terughoudend kleurenpallet van grijzen, groen en blauw.

Jacoba van Heemskerck, Deurpaneel villa Wulffraat,1920. gebrandschilderd glas in lood, KM Den Haag

In de daaropvolgende jaren maakte Jacoba tal van ontwerpen voor glas in lood ramen, voor de Marine kazerne en voor de GG en GD in Amsterdam. Haar broze gezondheid speelde haar evenwel parten en lange periodes van ziekte beletten haar te werken. In augustus 1923 is zij op zevenenveertigjarige leeftijd bezweken aan de gevolgen van een angina pectoris.

Ondanks verdriet en rouw zette Marie Tak van Poortvliet haar werk in kunstprojecten, in de biologische-dynamische tuinderij Loverendale en in de Anthroposophische vereniging onverminderd voort. In 1924 heeft zij de ‘Eere-tentoonstelling Jacoba van Heemskerck’ in de benedenzaal van het Stedelijk Museum georganiseerd. In 1930 is haar gezondheid dermate achteruitgegaan dat zij al haar activiteiten moest beëindigen en verhuisde naar het antroposofische centrum in Dornach. Daar heeft zij haar laatste jaren doorgebracht.

Na haar overlijden in 1936 is een groot deel van haar kunstcollectie ondergebracht in KM Den Haag, Museum Boijmans van Beuningen en Stedelijk Museum Amsterdam.

De tentoonstelling Alles gegeven besteedt niet alleen aandacht aan de kunst van Jacoba en de verzamelaarsneus en kunstprojecten van Marie, maar ook aan onderwerpen die in deze tijd volop in de belangstelling staan. Het fortuin van Marie is van omstreden herkomst. De voorouders van Tak van Poortvliet zijn medeoprichters geweest van de VOC, het familievermogen werd verkregen in de koloniale suikerhandel en slavernij. Alsof Marie iets goed wilde maken van de twijfelachtige herkomst van haar erfenis, heeft zij haar totale vermogen besteed aan kunstprojecten en goede doelen, waaronder de oprichting van de Stichting Loverendale. Hetgeen in die tijd pionierswerk was.

Van Heemskerck en Tak van Poortvliet waren in vele opzichten uitzonderlijke en vooruitstrevende vrouwen. Op de tentoonstelling wordt veel aandacht besteed aan de onafhankelijke levensstijl van beide vrouwen. Hedendaagse concepten als queer en LHBTQ+ worden in de begeleidende teksten zonder terughoudendheid toegepast op de liefdesrelatie en levensstijl van Jacoba en Marie. Dit komt enigszins anachronistisch over, maar door werk en leven van Jacoba en Marie in deze concepten te duiden, neemt KM Den Haag zijn rol in ideologische discussies en haar functie als medium in maatschappelijke verandering serieus.

De bezoeker krijgt zo een volledig beeld van het waardevolle werk van Jacoba van Heemskerck en Marie Tak van Poortvliet binnen de context van hun tijd, geplaatst in de context van onze tijd. Dit prikkelt de nieuwsgierigheid, de biografie Alles gegeven – Marie Tak van Poortvliet kan die nieuwsgierigheid stillen.

Alles gegeven, Jacoba van Heemskerck en Marie Tak van Poortvliet

Een voorbeeldige tentoonstelling in Kunstmuseum Den Haag, t/m 1 maart 2026.

De gepubliceerde foto's zijn gemaakt door de auteur

Voor meer informatie: http://www.kunstmuseum.nl

Onderstaand een overzicht van de tentoonstellingen van vrouwelijke kunstenaars van de laatste tien jaar. Het overzicht is niet volledig.

Marlene Dumas, The Image as Burden in Stedelijk Museum Amsterdam 2014 en Tate Modern London 2015; Barbara Hepworth in Kröller-Müller 2015-2016; Artimisia Gentileschi in National Galery 2020-2021 en Rijksmuseum Twente 2021-2022; Paula Rego in Tate Modern 20121 en Kunstmuseum Den Haag 2021-2022; Frida Kahlo in Cobra Museum Amstelveen, 2021; Berlinde de Bruyckere in Bonnefantenmuseum, Maastricht; Sofonisba Anguissola in Rijksmuseum Twente, 2023; Making Modernisme, Paula Modersohn-Becker, Kӓthe Kollwitz, Gabriele Münter and Marianne von Werefkin in de Royal Academie of Arts London in 2023; Patricia Kaersenhout in Bonnefanten, Maastricht; Marianne von Werefkin 2024 – 2025 in De Fundatie, Zwolle; Anna Eva Bergman in Musée d’Art Moderne Parijs 2023; Cindy Sherman in Fomu Antwerpen 2024; Kara Walker in De Pont Tilburg 2022; Magdalena Abakanowicz in Textielmuseum Tilburg 2025; Beatriz González in De Pont Tilburg 2024